Armagnac is de oudste en meest prestigieuze wijnbrandewijn van Frankrijk. In de 16e eeuw werd het verkocht in apotheken als "medicijn". Vanaf de 17e eeuw werd Armagnac gerijpt in eikenhouten vaten. Tegenwoordig is de Armagnac-regio verdeeld in 3 productiegebieden: Bas-Armagnac, Ténarèze en Haut-Armagnac. In tegenstelling tot Cognac heeft Armagnac een palet van druivensoorten die allemaal verschillend zijn, wat zorgt voor een bijzondere aromatische balans: Bacco draagt bij aan de structuur en geeft volle, rijke, zware aroma's die een lange rijping vereisen om hun rondheid, zachtheid en lange afdronk volledig tot uiting te laten komen. Folle blanche brengt daarentegen frisheid en fruitigheid in de eerste jaren van rijping. Ugni blanc, ideaal voor distillatie, en Colombard completeren de lijst van meest voorkomende druivensoorten in de regio. Vanaf 15 jaar rijping vindt men in Armagnac smaken van hazelnoot, sinaasappelschil, cacao en pruim, die vermengd worden met aroma's van roos, citroenverbena, leer, vanille en zelfs kaneel. Deze Armagnacs bezitten een "vetheid" en rondheid die het terroir benadrukken. Na 25 jaar verliezen Armagnacs wat van hun kracht en worden ze zachter. Hun oorspronkelijke karakter vervaagt en maakt plaats voor de geuren van eikenhouten vaten; hun afdronk wordt opmerkelijk.